Categorieën beslag volgens Aanwijzing beslagneming

In de Aanwijzing inbeslagneming worden drie typen beslag onderscheiden:

  • waarheidsvindingsbeslag;
  • waardebeslag;
  • overig beslag.

De te onderscheiden belangen komen echter in diverse combinaties voor. Bij een inbeslagneming kunnen immers meerdere gronden tegelijk aan de orde zijn. Wanneer een voorwerp in beslag is genomen voor waarheidsvinding en tevens op een andere grond, zijn de belangen van waarheidsvinding bepalend bij de te nemen beslagbeslissing.

Op basis van deze belangen en de combinaties waarin ze voorkomen, kan beslag in vijf categorieën worden ingedeeld. De opsporingsinstantie deelt het inbeslaggenomen voorwerp in een van deze categorieën in, opdat het OM zo spoedig mogelijk een passende beheerbeslissing kan nemen (zie hierna IV).

De te onderscheiden categorieën zijn:

1.waarheidsvindingsbeslag;
2.waarheidsvindingsbeslag tevens waardebeslag;
3.waarheidsvindingsbeslag tevens overig beslag;
4.(niet-waarheidsvindings)beslag tevens waardebeslag;
5.(niet-waarheidsvindings)beslag tevens overig beslag.

Ad 1. Waarheidsvindingsbeslag

Hieronder vallen voorwerpen die uitsluitend voor waarheidsvinding bestemd zijn.

Dit betreft:

  • voorwerpen die bewaard moeten blijven om ter terechtzitting te dienen als stuk van overtuiging; of
  • voorwerpen die in beslag zijn genomen ten behoeve van technisch en forensisch onderzoek en die aan de eigenaar teruggegeven kunnen worden nadat de belangen van waarheidsvinding zijn vervallen. Dit geldt voor onder de verdachte in beslag genomen voorwerpen, maar ook voor voorwerpen die toebehoren aan een ander dan de verdachte: het slachtoffer, de aangever of de derde rechthebbende. Een voorbeeld: de bedrijfsadministratie nadat daarvan een kopie is gemaakt.

Ad 2. Waarheidsvindingsbeslag tevens waardebeslag

Dit betreft voorwerpen die eerst enige tijd voor waarheidsvinding nodig zijn en vervolgens vatbaar zijn voor verbeurdverklaring omdat de waarde substantieel is én in verhouding staat tot de te verwachten strafoplegging. Te denken valt aan: kostbare apparatuur met gegevens (administratie, beelden, e.d.) of andere waardevolle voorwerpen die sporen dragen of bevatten (en niet onlosmakelijk verbonden zijn met deze voorwerpen), terwijl deze voorwerpen voor verbeurdverklaring in aanmerking komen.

Ad 3. Waarheidsvindingsbeslag tevens overig beslag

Dit betreft voorwerpen die eerst enige tijd voor waarheidsvinding nodig zijn en vervolgens vatbaar zijn voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer maar waarvan de waarde niet substantieel is of het voorwerp illegaal is en daarom op de legale markt geen waarde heeft. Te denken valt aan bijvoorbeeld een harde schijf met kinderporno, inbrekerswerktuig.

Ad 4. (Niet-waarheidsvindings)beslag tevens waardebeslag

Dit betreft (in het kader van artikel 94 Sv) de voor verbeurdverklaring vatbare voorwerpen met een waarde die substantieel is en in verhouding staat tot de te verwachten strafoplegging.Een voorbeeld: de auto die is aangeschaft na witwaspraktijken, of een geldbedrag dat is verdiend met drugshandel of een andere criminele activiteit.

Ad 5. (Niet-waarheidsvindings)beslag tevens overig beslag

Dit betreft voorwerpen die

  • vatbaar zijn voor verbeurdverklaring maar waarvan de waarde niet substantieel is; of
  • vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer, na monsterneming.

Deel deze paginaShare on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin
Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden