Door politie gedwongen toestemming onrechtmatig

Geplaatst op: 22 augustus 2018

De hoofdagent en verbalisant 2 op 13 december 2016 naar het [adres 1] waren gegaan, omdat volgens informatie in de politiesystemen de bestuurder van een voertuig zonder geldige APK zich kort daarvoor had onttrokken aan een verkeerscontrole en de tenaamgestelde van dat voertuig op dat adres woonachtig was.[de hoofdagent] heeft gerelateerd dat hij en zijn collega de desbetreffende auto op de oprit, en een man (naar later bleek: de verdachte) in de tuin van de woning van [adres 1] zagen staan. Zij vorderden van deze man het rijbewijs en toen deze aangaf daaraan niet te kunnen voldoen, zijn legitimatiebewijs. Deze man zei ‘dat hij niets op zak had, maar dat hij dat wel even binnen in zijn woning zou gaan pakken’. Hierop deelde [de hoofdagent] hem mede ‘dat hij binnen zijn legitimatiebewijs mocht gaan pakken, maar dat zij wel met hem mee zouden lopen’. Zij hoorden dat verdachte vervolgens zei ‘dat niemand mee zijn woning in mocht gaan’. Toen verdachte zich omdraaide en in de richting van zijn voordeur wilde lopen, pakte [verbalisant 2] hem bij zijn mouw vast en deelde hem mede ‘dat als hij de woning in wilde gaan, er iemand van de politie mee zou lopen’. [de hoofdagent] deelde hem vervolgens mede ‘dat hij aangehouden zou worden terzake het niet op eerste vordering overgeven van het legitimatiebewijs als hij dat niet toe zou staan’. De verbalisanten hoorden vervolgens dat verdachte zei ‘dat hij dat begreep en dat ze dan maar even met hem mee moesten lopen’ en ‘dat hij niet aangehouden wilde worden en dat ze daarom maar even mee naar binnen moesten lopen’. Eenmaal binnen roken de verbalisanten een hennepgeur. In het proces-verbaal van aanhouding (p. 017 zaaksdossier) hebben de verbalisanten gerelateerd dat is binnengetreden met toestemming van de verdachte.

De verdediging heeft ter terechtzitting betwist dat verdachte vrijwillig toestemming heeft gegeven om zijn woning binnen te treden.

Lees meer >


Toestemming niet geldig vanwege onjuiste taal

Geplaatst op: 06 maart 2018

Regelmatig komt het voor dat de politie in het proces-verbaal relateert dat de verdachte toestemming gaf voor de doorzoeking van een auto of woning, terwijl de verdachte niet eens de Nederlandse taal spreekt. Deze toestemming is uiteraard niet geldig.
Datzelfde geldt voor de situatie wanneer de politie in het Engels probeert om een anderstalige verdachte om toestemming vraagt (Rb Zeeland West-Brabant, 17 oktober 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:6692).

Lees meer >


Voor verzoek openen koffer is geen redelijk vermoeden van schuld nodig

Geplaatst op: 06 maart 2018

Het vragen door de politie aan een persoon om vrijwillig een meegedragen koffer te openen, is toegestaan. Daarbij is niet van belang of op het moment van vragen sprake is van een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit op basis van feiten en omstandigheden, die op dat moment aan de verbalisant, die om vrijwillige opening van de koffer vraagt, bekend zijn De rechtbank baseert dit oordeel mede op.het arrest van de Hoge Raad van 18 december 2012 (LJN: BY5315), vlg ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ6214.

Lees meer >


Eisen toestemming binnentreden en huiszoeking bij ontbreken redelijk vermoeden van schuld

Geplaatst op: 16 december 2017

Wanneer in feite een redelijk vermoeden van schuld heeft ontbroken, maar de verdachte desalniettemin toestemming heeft gegeven voor het betreden van de woning, gelden er wel bijzondere eisen voor die toestemming. De politie mag niet te snel aannemen dat de bewoner toestemming geeft voor het binnentreden van de woning (Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 5 september 2013, ECLI:NL:GHARL:2013:6553).

Lees meer >


Redelijk vermoeden van schuld bij toestemming huiszoeking

Geplaatst op: 03 augustus 2017

Juist is dat ook het doorzoeken van de woning van een bewoner met diens toestemming niet geheel van rechterlijke toetsing is ontheven.(conclusie van AG Machielse vóór HR 8 april 2008, LJN BC5944) Ook ingeval van gegeven toestemming kan de reden van doorzoeking zodanig vaag zijn of kan doorzoeking in zodanige mate van willekeur getuigen dat een ontoelaatbare inbreuk op de persoonlijke levenssfeer moet worden aangenomen. Bij de toetsing van de rechtmatigheid van een doorzoeking kan door de rechter tevens worden bekeken in hoeverre de toestemming van een bewoner voor doorzoeking van zijn woning daadwerkelijk in vrijheid is gegeven. Uit de in dit verband relevante overwegingen van het Hof in het bestreden arrest blijkt echter niet duidelijk op grond van welke omstandigheden de doorzoeking van de woning van de verdachte hier ondanks de door hem gegeven toestemming onrechtmatig zou zijn (ECLI:NL:PHR:2012:BY5315).

Het is echter niet zo dat de toestemming voor het betreden en doorzoeken van een woning door verbalisanten aan een verdachte in het algemeen slechts gevraagd mag worden als sprake is van een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit. Het verweer dat in redelijkheid niet om toestemming voor het betreden en doorzoeken van de woning gevraagd mocht worden, moet wel goed worden gemotiveerd. Het moet gaan om een situatie die echt duidt op volstrekte willekeur.

Lees meer >


Onrechtmatig betreden woning bij ontruiming leidt tot niet-ontvankelijkheid OM

Geplaatst op: 06 juni 2016

Het Hof verklaart het openbaar ministerie ter zake van het ten laste ( het kraken van een pand) gelegde niet-ontvankelijk in de vervolging van de verdachte. De politie was op een inbraakmelding afgekomen van een makelaar, wat later gewoon een gekraakte woning betrof. De politie heeft de woning ontruimd en de krakers aangehouden. Daartoe was de politie echter niet gerechtigd. Hoewel deze uitspraak niet zozeer te maken heeft met strafrechtelijk gelegd beslag, is deze zeker wel van belang nu het OM door het gerechtshof niet-ontvankelijk is verklaard in de vervolging wegens een schending van het huisrecht (Gerechtshof Den Haag, 24 september 2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:3625).

Lees meer >


Doorzetten doorzoeking na aantreffen wapen is onrechtmatig, maar geen consequentie

Geplaatst op: 22 mei 2016

In de uitspraak van de Hoge Raad van 22 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ9895 ging het om een doorzoeking van de woning op grond van de Wet Wapens en Munitie. De politie was op zoek naar een luchtbuks waarover CIE-informatie was binnengekomen. Nadat ze die luchtbuks hadden aangetroffen, is de doorzoeking echter voortgezet en zijn nog andere verboden voorwerpen aangetroffen. Het hof heeft dit aangemerkt als onrechtmatige doorzoeking en om die reden de tijdens de verdere doorzoeking verkregen voorwerpen uitgesloten van het bewijs, met een vrijspraak tot gevolg. De Hoge Raad casseert echter met als overwegingen dat niet blijkt dat het Hof bij zijn oordeel dat het geconstateerde verzuim tot bewijsuitsluiting dient te leiden, rekening heeft gehouden met de in art. 359a, tweede lid, Sv genoemde factoren – het belang dat het geschonden voorschrift dient, de ernst van het verzuim en het nadeel dat door het verzuim is veroorzaakt – een en ander zoals is omschreven in het arrest van de Hoge Raad van 30 maart 2004 (LJN AM2533, NJ 2004, 376).

Lees meer >


Geen rechtsgeldige toestemming; doel binnentreden niet gemeld

Geplaatst op: 16 mei 2016

In HR 21 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:144 was er door de bewoner toestemming verleend voor het binnentreden van de woning, maar de verbalisanten hadden zich niet eerst gelegitimeerd en ook hadden zij het doel van hun komst niet gemeld. Volgens de Hoge Raad levert dit een onherstelbaar vormverzuim op als bedoeld in artikel 359a Sv. In deze zaak had de advocaat echter hier niet een uitdrukkelijk onderbouwd verweer gevoerd, waardoor de strafrechtelijke consequentie hierop in het midden kon blijven. In ieder geval levert het een vormverzuim op.

Lees meer >


Openen strijkzak en zich daarin bevindende vuilniszak is doorzoeken

Geplaatst op: 15 mei 2016

In de uitspraak van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 14 maart 2013, ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ5752 gaat het om een onherstelbaar vormverzuim als bedoeld in artikel 359a Sv. omdat de verbalisanten een strijkzak en een vuilniszak hadden geopend, terwijl ze daartoe niet bevoegd waren. Weliswaar vond de doorzoeking plaats op grond van artikel 49 WWM, maar de verbalisant opende de strijkzak en de vuilniszak niet omdat een vermoeden bestond dat er een wapen in zou liggen, maar op grond van een verdenking in het kader van de Opiumwet. Dit was echter niet toegestaan, nu de Opiumwet enkel een bevoegdheid biedt tot zoekend rondkijken.

Lees meer >


Doorzoeking woning door hulp-officier van justitie ipv r-c

Geplaatst op: 13 mei 2016

Artikel 97 Sv. schrijft voor dat de officier van justitie of de hulp-officier van justitie alleen bij dringende noodzakelijkheid een woning mag doorzoeken. In beginsel is het zo dat de komst van de rechter-commissaris moet worden afgewacht. Indien dat niet is gebeurd, levert dat een onherstelbaar vormverzuim als bedoeld in artikel 359a Sv. op. Dit hoeft evenwel niet te leiden tot bewijsuitsluiting, zoals volgt uit HR 19 mei 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH1476.

Lees meer >


Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden